Veelgestelde vragen

Studenten

Hoe word ik verpleegkundige?

Er zijn meerdere manieren om verpleegkundige te kunnen worden. Welke weg voor jou de juiste is, hangt af van welke vooropleiding je hebt.

Welke (school)opleiding moet je hebben om verpleegkundige te kunnen worden?

  • In het bezit zijn van een mulo diploma.
  • Overgang van klasse 3 -4 havo of in het bezit zijn van een havo diploma.
  • In het bezit zijn van het diploma Ziekenverzorging en het certificaat van de propadeuseopleiding.

Hoelang duurt de opleiding?

De opleiding tot verpleegkundige( MBO-V) duurt 4 jaar.

Wat zijn de vervolgopleidingen na de MBO-V?

• Dialyseverpleegkunde
• Intensive Care Verpleegkunde
• Verloskunde
• Oncologieverpleegkunde
• Praktijkbegeleider
• HIV-Verpleegkunde
• Diabetesverpleegkunde
• Anesthesieverpleegkunde
• Operatiekamer verpeegkunde
• School nurse

Op HBO niveau:
• De docenten opleiding
• Bachelor in Nursing
• Ziekenhuismanagesment

Voor verdere informatie over de opleiding tot verpleegkundige kun je terecht bij het EFS college COVAB of de oplelingsinstituten van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo en het Sint Vincentius Ziekenhuis.

BIG Wet

Aan welke eisen moet ik voor herregistratie (wet BIG) voldoen?

Wie in de toekomst ingeschreven wil blijven in het BIG-register, moet zorgen dat het niveau van zijn competenties op peil blijft. Daarvoor moet aan bepaalde eisen worden voldaan.

Er zijn twee afzonderlijke criteria voor herregistratie:
– werkervaring óf
– scholing.

Als u als beroepsbeoefenaar niet of niet genoeg heeft gewerkt, kunt u door scholing weer op het niveau komen van het basisberoep, waarna u zich alsnog kunt laten herregistreren.

Maar bij onvoldoende werkervaring of onvoldoende scholing komt u niet in aanmerking voor herregistratie. En zonder registratie mag u uw titel niet gebruiken. Zonder titel verliest u alle rechten en plichten die bij uw beroep horen en valt u niet langer onder het tuchtrecht. Als verpleegkundige, bijvoorbeeld, mag u dan ook geen (functioneel) zelfstandig voorbehouden handelingen meer uitvoeren (artikel 39).

Hoe toon ik mijn werkervaring aan voor de herregistratie BIG?

Het indienen van een getekende ‘eigen verklaring’ is voldoende om voor herregistratie in aanmerking te komen. Daarvoor zal een (digitaal) standaardformulier voor het BIG-register worden ontwikkeld.

Het BIG-register zal steekproefsgewijs controleren of de verklaring naar waarheid is ingevuld. Indien de aanvraag vragen oproept, zal het BIG-register bewijsstukken opvragen bij desbetreffende beroepsbeoefenaar. Om die stukken meteen te kunnen overleggen is het handig een (digitale) portfolio bij te houden.

Voor beroepsbeoefenaren die in loondienst zijn, kunnen de arbeidsovereenkomst, de laatste loonstrook of een werkgeversverklaring bewijsstukken zijn. Vanuit het BIG-register zal tijdig een waarschuwingssignaal worden afgegeven dat de vijf jaartermijn gaat verstrijken.

Ik heb ander werk gedaan, maar wil toch een herregistratie in het BIG-register. Kan dat?

Sommige werkzaamheden, die niet direct op het terrein van de individuele gezondheidszorg liggen, kunnen gelijkgesteld worden, zodat die beroepsbeoefenaren zich ook kunnen laten herregistreren.

Het gaat dan om werkzaamheden waarvoor het op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen van het beroep een functie-eis is, zonder dat u in dat beroep(sgebied) werkzaam bent. Dit zal in elk geval gaan gelden voor

– praktijkdocenten, die binnen een gezondheidsinstelling lesgeven in het ‘centrale vak’ of in een specialisme/differentiatie van een artikel 3 beroep
– inspecteurs die bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg werkzaam zijn

Wie nog meer voor deze gelijkstellingsbepaling in aanmerking komen, moet nog worden ingevuld.

Als u een functie vervult waarin het niet zo vanzelfsprekend is dat u op de hoogte bent van de laatste ontwikkelingen binnen een beroepsgebied, worden uw werkzaamheden niet gelijkgesteld.

Dit zijn onder meer:

beleids-, management- en organisatorische werkzaamheden, die worden uitgevoerd door directeuren, beleids-/stafmedewerkers bij ministeries, Inspectie, beroepsorganisaties, wetenschappelijke verenigingen/bestuursorganen, betrokken bij beroepsinhoudelijke advisering binnen of buiten instellingen voor de gezondheidszorg;
docenten die theorieles geven over een artikel 3-beroep aan een onderwijsinstelling die geen gezondheidszorginstelling is.

Telt werkervaring in het buitenland mee voor herregistratie in het BIG-register?

Wanneer u werkervaring heeft opgedaan in het buitenland, dan telt deze mee voor de uren-eis voor de herregistratie. Voor u gelden dan dezelfde eisen als voor de beroepsbeoefenaar die in Nederland werkt.

Als u buiten de EU, Ijsland, Noorwegen of Liechtenstein heeft gewerkt, bent u wel verplicht om uw aanvraag direct te onderbouwen met bewijsstukken.

Waarvoor dient het tuchtrecht?

Het tuchtrecht heeft tot doel de kwaliteit van de beroepsuitoefening in de gezondheidszorg te toetsen. Als een cliënt van mening is dat er tijdens een behandeling iets is misgegaan, kan hij daarover een klacht indienen bij een tuchtcollege.

Naar aanleiding van die klacht kan het college de betrokken beroepsbeoefenaar een maatregel opleggen. In het uiterste geval wordt het de hulpverlener verboden nog langer zijn beroep uit te oefenen onder het gebruik van zijn titel. Verder kan van een uitspraak ook een voorlichtende en leerzame werking uitgaan naar andere beroepsbeoefenaren.

De tuchtregels staan in de Wet Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (de Wet BIG). De Wet BIG bevat regels voor zorgverlening door beroepsbeoefenaren en heeft tot doel de bevordering van de kwaliteit van de beroepsuitoefening en de bescherming van de patiënt.

Wanneer is een klacht in het tuchtrecht gerechtvaardigd?

Een hulpverlener moet zorgvuldig te werk gaan. In een groot aantal wetten, opleidingseisen en protocollen is vastgelegd waaraan de hulpverlener zich moet houden. Niet alleen op medisch/inhoudelijk vlak, maar ook in de omgang met de patiënt/cliënt en familie. De Wet BIG kent voor de acht geregistreerde beroepen twee tuchtnormen, die aangeven wanneer een beroepsbeoefenaar niet zorgvuldig handelt, en klagen bij een tuchtcollege dus gerechtvaardigd is.

Eerste tuchtnorm

De eerste tuchtnorm luidt: ‘Handelen of nalaten van handelen in strijd met de zorg die de geregistreerde zorgverlener behoort te betrachten ten opzichte van de patiënt en de naaste betrekkingen van de patiënt.’

In de praktijk betekent dit dat bij het tuchtcollege over zeer uiteenlopende zaken kan worden geklaagd, bijvoorbeeld: – een verkeerde of te late diagnose; – onvoldoende informatie verstrekken over de behandeling, de gevolgen van die behandeling en eventuele alternatieven; – een chirurgische fout; – voorschrijven of verstrekken van de verkeerde medicijnen; – schenden van het beroepsgeheim; – ten onrechte niet doorverwijzen naar een andere hulpverlener; – seksuele intimidatie.

Tweede tuchtnorm

De tweede tuchtnorm luidt: ‘Enig ander handelen of nalaten als geregistreerde zorgverlener in strijd met het belang van een goede uitoefening van individuele gezondheidszorg.’
Deze norm waarborgt de zorgvuldigheid van de beroepsbeoefenaar op een aantal andere gebieden. Voorbeelden zijn: – weigeren deel te nemen aan een waarnemingsregeling; – onjuist optreden in de media, bijvoorbeeld het onnodig creëren van onrust onder burgers over de verspreiding van een mogelijke epidemie; – door een beroepsbeoefenaar onjuist declareren van rekeningen bij een ziektekostenverzekeraar.Een hulpverlener moet zorgvuldig te werk gaan. In een groot aantal wetten, opleidingseisen en protocollen is vastgelegd waaraan de hulpverlener zich moet houden. Niet alleen op medisch/inhoudelijk vlak, maar ook in de omgang met de patiënt/cliënt en familie. De Wet BIG kent voor de acht geregistreerde beroepen twee tuchtnormen, die aangeven wanneer een beroepsbeoefenaar niet zorgvuldig handelt, en klagen bij een tuchtcollege dus gerechtvaardigd is.

Een hulpverlener moet zorgvuldig te werk gaan. In een groot aantal wetten, opleidingseisen en protocollen is vastgelegd waaraan de hulpverlener zich moet houden. Niet alleen op medisch/inhoudelijk vlak, maar ook in de omgang met de patiënt/cliënt en familie. De Wet BIG kent voor de acht geregistreerde beroepen twee tuchtnormen, die aangeven wanneer een beroepsbeoefenaar niet zorgvuldig handelt, en klagen bij een tuchtcollege dus gerechtvaardigd is.

Een hulpverlener moet zorgvuldig te werk gaan. In een groot aantal wetten, opleidingseisen en protocollen is vastgelegd waaraan de hulpverlener zich moet houden. Niet alleen op medisch/inhoudelijk vlak, maar ook in de omgang met de patiënt/cliënt en familie. De Wet BIG kent voor de acht geregistreerde beroepen twee tuchtnormen, die aangeven wanneer een beroepsbeoefenaar niet zorgvuldig handelt, en klagen bij een tuchtcollege dus gerechtvaardigd is.

Wanneer moet ik me laten herregistreren voor het BIG-register?

U bent BIG-geregistreerd. Maar sinds uw registratie heeft u nooit meer iets vernomen. Wanneer moet u zich laten herregisteren? En hoe dan?

 

Momenteel legt het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de laatste hand aan de criteria, die gaan gelden om voor herregistratie (artikel 8) in aanmerking te komen. Elke vijf jaar moet herregistratie plaats gaan vinden.

 

Het streven is in januari 2007 het artikel van kracht te laten zijn en dan gaat dus ook de eerste periode van 5 jaar in.
Dit betekent dat op zijn vroegst in 2012 de eerste herregistratie zal plaatsvinden. In de eerste ronde gaan de verpleegkundigen, fysiotherapeuten en de verloskundigen op voor herregistratie

Algemeen

Waar kan ik met mijn klacht terecht?

Klachtencommissie

Met een eventuele klacht kunt u contact opnemen met de leidinggevende van uw zorgverlener/ behandelaar. Dit doet u wanneer de leidinggevende verantwoordelijk is voor de gang van zaken op de afdeling of rond de behandeling. Of wanneer u niet precies weet wie verantwoordelijk is voor uw klacht.

Heeft dit niet het gewenste resultaat, dan legt uw zaak voor aan de klachtencommissie of een tuchtcollege. Binnen elke instelling is er een klachtencommissie/klachtenbureau die uw heel serieus neemt. U heeft het recht om uw klacht aan de orde te stellen bij een klachtencommissie.

De klachtencommissie kan alleen oordelen of uw klacht gegrond of ongegrond is: heeft u gelijk of niet? De klachtencommissie deelt geen straffen uit, maar doet aanbevelingen voor verbeteringen. De instelling of de beroepsorganisatie moet hierop maatregelen nemen om soortgelijke klachten in de toekomst te voorkomen.

U kunt geen schadeclaim indienen bij een klachtencommissie. Bij een schadeclaim moet u de behandelaar zelf of de directie van de instelling aansprakelijk stellen.

Het tuchtcollege

Verpleegkundigen vallen niet onder het tuchtrecht, de groepen die wel bij wet hieronder vallen zijn:
Artsen, Tandartsen, Apothekers en Verloskundigen.

Het tuchtcollege beoordeelt alleen of de behandelaar juist heeft gehandeld. Daarom is de uitspraak van het tuchtcollege niet altijd zoals de client/ patiënt verwacht of zou willen. Het college beoordeelt of de behandelaar gehandeld heeft zoals van hem verwacht zou mogen worden in die omstandigheden.

Dit doen zij met behulp van de beroepsregels die gelden voor de behandelaar.
Wanneer de behandelaar of instelling iets gedaan heeft wat verboden is, kunt u naar de strafrechter gaan. Het strafrecht wordt in de geneeskunde beperkt toegepast. Het geldt bijvoorbeeld voor moord, doodslag, mishandeling of euthanasie.

Inspectie voor Verplegende en verzorgende beroepen

De Inspectie houdt toezicht op de kwaliteit van de gezondheidszorg. De Inspectie handelt in naam van de directeur van het Ministerie van Volksgezondheid, die tevens ook geneeskundig inspecteur is.

Wanneer u uw klacht bij de Inspectie indient, zullen zij er alles aan doen om uw klacht naar tevredenheid aft e handelen. De Inspectie kan uw klacht wel als signaal gebruiken. Uw klacht kan aanleiding zijn voor verder onderzoek, bijvoorbeeld om na te gaan of er verbetering nodig is. Hierdoor kunnen klachten zoals die van u in de toekomst worden voorkomen.

Zijn uw vragen nog niet beantwoord?

Vul onderstaande velden volledig in en druk op de verzend knop.

Verzend